Europese kaart voor tech vendor lock-in
14 jun 2026 Europese Tech
Jesse van Thijn

Jesse van Thijn

jesse@troop.digital

Waarom AI Vendor lock-in een reëel bedrijfsrisico is

Vrijdagavond kreeg AI-bedrijf Anthropic een brief van het Amerikaanse ministerie van Handel. De boodschap: de twee krachtigste modellen van het bedrijf, Claude Fable 5 en Mythos 5, mogen niet langer beschikbaar zijn voor buitenlanders, binnen of buiten de Verenigde Staten. Om aan dat bevel te voldoen had Anthropic eigenlijk maar één optie: de modellen voor iedereen afsluiten. Ook voor Amerikaanse gebruikers. Zelfs voor de eigen, niet-Amerikaanse medewerkers van het bedrijf.

Binnen enkele dagen na de lancering waren twee modellen weer weg. Niet vanwege een technisch probleem of een bedrijfsbeslissing, maar omdat een overheid dat zo bepaalde.

Voor ons als technologiepartij is dit precies het soort gebeurtenis waar we onze klanten al langer voor proberen te behoeden, want AI vendor lock-in is iets wat je heel kwetsbaar kan maken.

Wat er precies gebeurde

De aanleiding lag bij zorgen over nationale veiligheid. Mythos is een model dat ontworpen is om als een hacker te denken, uitstekend om kwetsbaarheden in software op te sporen, en daarmee net zo bruikbaar voor wie kwaad wil als voor wie wil beveiligen. Daarom was het al beperkt tot een kleine groep organisaties. Fable 5 was de afgezwakte, publiek beschikbare variant.

Een ander bedrijf zou de Amerikaanse overheid hebben getipt dat de beveiliging van Mythos te omzeilen viel. Toen Anthropic weigerde de lancering uit te stellen, volgde de exportbeperking. Het resultaat: een complete blokkade op modellen die nog maar een paar dagen oud waren.

Wat hier het meest in het oog springt, is niet de techniek. Het is de mechaniek. Eén brief van één overheid was genoeg om wereldwijd de toegang tot een stuk infrastructuur af te snijden. Geen overgangsperiode, geen onderscheid tussen bondgenoten en tegenstanders, geen overleg met de gebruikers die er hun werk op hadden gebouwd. Als je vast zit aan dit specifiek model en je dus een vendor lock-in hebt, kan dit je heel hard raken.

De vendor lock-in die je niet ziet aankomen

In deze kennisbank schrijven we vaak over vendor lock-in en data-residentie. Meestal gaat dat over de plek waar je data staat en welke wetgeving daarop van toepassing is. De casus Fable 5 laat een andere dimensie zien van diezelfde kwetsbaarheid: niet waar je data staat, maar of je morgen nog toegang hebt tot het gereedschap zelf.

Dat is een wezenlijk verschil. Bij data praat je over bescherming en compliance. Bij tooling praat je over continuïteit van je dagelijkse productie. Als een model dat verweven zit in je workflow van het ene op het andere moment verdwijnt, ligt niet je archief stil maar je proces.

En dit is geen hypothetisch risico meer. De regering-Trump maakte bij dit besluit geen onderscheid tussen bevriende landen en mogendheden die zij als vijand beschouwt. Voor een Nederlandse organisatie betekent dat: je kunt nog zo’n betrouwbare leverancier hebben gekozen, je blijft onderhevig aan de geopolitieke wind in een land waar je geen stem hebt. Dit is precies wat de Cloud Act-discussie al jaren onderstreept, nu vertaald naar AI-modellen.

Zijn wij afhankelijk van Claude en Fable 5?

Wij gebruiken zelf intensief Amerikaanse AI-tooling. Claude Code is een vast onderdeel van onze ontwikkelstraat. Dus wanneer we zeggen dat afhankelijkheid van Big Tech een reëel risico is, spreken we niet vanaf de zijlijn. We zitten er middenin.

Het zou makkelijk zijn om dat te verzwijgen en alleen de Europese boodschap te verkondigen. Maar dat strookt niet met hoe wij werken. Wij geloven dat je alleen geloofwaardig over transformatie kunt adviseren als je die zelf doorleeft, met alle ongemakkelijke afwegingen die erbij horen.

De vraag is dus niet of we afhankelijk zíjn, dat zijn we, maar hoe beheersbaar die afhankelijkheid is. En dat is precies waar het verschil zit tussen een organisatie die overgeleverd is aan een leverancier, en een organisatie die kan schakelen. Als je een echte vendor lock-in hebt met een tool kun je niet zomaar switchen naar iets anders.

Echte dev-kennis in huis

Hier komt onze rol als technische partij om de hoek kijken. Een organisatie die AI puur als kant-en-klare dienst afneemt, staat met lege handen op het moment dat die dienst wegvalt. Wij niet, en onze klanten dus ook niet.

Omdat wij op codeniveau begrijpen hoe deze modellen in onze software zijn geïntegreerd, zijn ze voor ons geen black box maar een component. En componenten kun je vervangen. We werken met abstractielagen waardoor het onderliggende model niet hard verweven zit met de rest van onze applicaties. Schakelen we van de ene aanbieder naar de andere, dan raakt dat onze architectuur, niet ons hele fundament.

Concreet hebben we keuze. Naast de Amerikaanse opties bestaat er een groeiend alternatief landschap: Mistral met zijn code-georiënteerde modellen vanuit Frankrijk, en bredere ontwikkelomgevingen zoals Antigravity van Google. Geen van die alternatieven is een wondermiddel, en elk heeft zijn eigen afwegingen. Maar het bestaan van keuze is precies het punt. Wie kan kiezen, is niet overgeleverd.

Die dev-kennis is daarmee geen technisch detail, maar een strategische verzekering. Het is het verschil tussen “onze tool is weg, we liggen stil” en “onze tool is weg, we migreren binnen onze sprint naar een alternatief.”

We starten een Mistral pilot

Praten over weerbaarheid is één ding, het in praktijk brengen iets anders. Daarom zetten we nu een pilot op met Mistral. Niet omdat we met Claude stoppen, maar omdat we willen wéten, niet vermoeden, hoe goed een Europees model presteert binnen onze echte ontwikkelwerkstroom.

Een pilot dwingt eerlijkheid af. Het laat zien waar een alternatief tekortschiet, waar het verrast, en hoeveel werk een eventuele overstap werkelijk kost. Pas als je dat hebt gemeten, is “we kunnen schakelen” geen aanname maar een onderbouwde zekerheid. We delen de uitkomsten van die pilot later in deze kennisbank.

Dit sluit aan bij onze EU Software First-aanpak: we migreren onze eigen kritieke systemen actief richting een Europees ecosysteem, en we doen dat met open vizier over de hobbels onderweg.

Wat dit betekent voor jouw organisatie

De les van Fable 5 is niet “stop met Amerikaanse AI.” Dat zou naïef zijn, en bovendien lever je dan capaciteit in die je vandaag nodig hebt. De les is genuanceerder en daardoor bruikbaarder:

  • Ken je afhankelijkheden. Weet welke modellen en diensten zo diep in je processen zitten dat uitval je productie raakt, niet alleen je archief.
  • Bouw schakelbaarheid in. Zorg dat tooling een vervangbaar component is, niet een fundament. Dat is een architectuurkeuze die je vooraf maakt, niet achteraf.
  • Investeer in eigen kennis, of werk met een partij die het heeft. De organisatie die begrijpt hoe haar software is opgebouwd, kan reageren. De organisatie die alles uitbesteedt zonder inzicht, kan dat niet.
  • Test je alternatieven vóórdat je ze nodig hebt. Een uitwijkoptie die je nooit hebt geprobeerd, is geen plan maar een hoop.

Strategie betekent bij Troop kijken naar wat blijft. Modellen komen en gaan soms, zoals deze week bleek, van de ene dag op de andere. Wat blijft is de weerbaarheid die je opbouwt door bewust met je afhankelijkheden om te gaan. Daar helpen we volwassen organisaties graag bij, vanuit ervaring die we zelf, met vallen en opstaan, opdoen.

Eens sparren over jouw case?

Jesse van Thijn

Jesse van Thijn

jesse@troop.digital